• Betrouwbaar sinds 1995
  • 100% natuurlijk
  • Gratis levering vanaf €35 binnen NL
  • Deskundig advies
  • Beveiligde betaling

Verdiepingsartikel: Hoe werken allergieën bij dieren?

Een van de meest voorkomende hulpvragen is jeuk veroorzaakt door een allergie. Bijvoorbeeld zomereczeem bij paarden of een reactie op iets uit de omgeving bij honden en katten. Er kunnen ook allergische klachten aan de luchtwegen optreden. Bij een allergische reactie zijn veel verschillende stoffen en processen betrokken. In dit artikel kijken we hoe dat in het lichaam werkt en wat we eraan kunnen doen.

Wat is een allergie?

Een gezond dierenlichaam maakt alleen antistoffen aan tegen ziekmakende indringers zoals ongewenste micro-organismen. Bij een allergie maakt het lichaam antistoffen tegen stoffen waarbij dat niet zou moeten. Voorbeelden zijn eiwitten uit de voeding, bepaalde materialen (bijvoorbeeld contactallergie voor metaal), vlooien of ingeademde stoffen (bijvoorbeeld huisstof).

Wanneer een dier allergisch reageert op omgevingsstoffen die via de lucht of het maagdarmkanaal het lichaam binnenkomen, spreek je van een atopie. Mijten en stuifmeel (pollen) zijn hier voorbeelden van. Een dier kan ook lichaamseigen stoffen als ‘vreemd’ aanzien en deze te lijf gaan. We spreken dan van een auto-immuunziekte. Een allergie is dus eigenlijk een te overdreven reactie van het afweersysteem.

Overmatige reactie immuunsysteem

Het immuunsysteem is de weerstand van het lichaam dat probeert organismen of stoffen die niet in het lichaam thuishoren (lichaamsvreemde stoffen) onschadelijk te maken.

Dit kan op verschillende manieren:

  • Voorkomen dat de indringer het lichaam binnendringt
    Dit gebeurt door een goede (intacte) barrièrefunctie van de huid en de slijmvliezen in bijvoorbeeld de luchtwegen en darmen.
  • De indringer zo snel mogelijk uitscheiden
    Voorbeelden hiervan zijn overgeven en diarree na het eten van verkeerd voedsel, of niezen en hoesten bij het inademen van irriterende stoffen.
  • De indringer vernietigen
    Als de indringer de barrièrefunctie weet te passeren en in de bloedbaan terechtkomt, reageert het immuunsysteem door antistoffen te aan te maken om de bedreiging uit te schakelen, oftewel een ontstekingsproces te veroorzaken.
  • De indringer inactiveren (inkapselen)
    Inkapselen dient om verdere verspreiding van de indringer te voorkomen. Een voorbeeld hiervan is het inkapselen van een hardnekkige splinter of een insectensteek; naast andere reacties treedt er een harde bult op: de inkapseling.

Uit al deze verschillende mogelijkheden blijkt wel dat het immuunsysteem zeer complex is. Elk proces bestaat uit een groot aantal stappen en is van veel factoren afhankelijk. Door de complexiteit kan er veel misgaan in dit systeem. Een allergische reactie is zo’n ‘fout’.

Wat gebeurt er bij een allergische reactie?

Bij een allergische reactie is de barrièrefunctie niet 100% in orde. Er komt een te groot of verkeerd deeltje door de barrière heen en in de bloedbaan. Het lichaam gaat proberen dit deeltje te vernietigen.

Bij de meeste allergische reacties produceert het afweersysteem bij de eerste blootstelling aan een allergeen de antistof IgE (Immunoglobuline E). IgE bindt zich aan een bepaald type witte bloedcellen in de bloedsomloop (granulocyten) en aan mestcellen (vergelijkbaar met basofiele granulocyten, maar dan aanwezig in weefsels).

Cellen met IgE op hun oppervlak geven specifieke stoffen (onder andere histamine) af die een zwelling of ontsteking in de omliggende weefsels veroorzaken. Door deze stoffen komt er een kettingreactie op gang waarbij weefsels geïrriteerd en beschadigd raken. Ze veroorzaken daarmee de typische kenmerken van een ontstekingsreactie die we ook bij een allergie zien: pijn, jeuk, roodheid en zwelling.

Wat zijn de kenmerken van allergie?

Wat vaak het meeste opvalt wanneer een dier een allergische reactie vertoont, is jeuk. Soms kunnen er ook klachten zijn aan de luchtwegen (niezen, moeilijke ademhaling, hoesten). Honden en katten met een allergie hebben meestal jeuk aan de kop, poten en oren. Wanneer er sprake is van een voedingsallergie treden er logischerwijs ook problemen met de spijsvertering op zoals een wisselende consistentie van de ontlasting.

Van jeuk gaat het dier op de aangedane plekken krabben, schuren en likken. Hierdoor ontstaat vaak dermatitis: een (secundaire) ontsteking van de huid.
Typisch aan een allergische aandoening is dat het vaak gebonden is aan kenmerkende factoren zoals een bepaald seizoen, omgeving, tijd en erfelijkheid. Ook tekorten aan vitaminen en mineralen kunnen hun steentje bijdragen aan een overgevoelige huid (vitamine E en C).

Hoe kan een allergie ontstaan?

De trigger van een allergie is uiteraard het allergeen zelf. Er kunnen echter verschillende oorzaken zijn waarom een dier een allergie ontwikkelt. Erfelijkheid speelt een grote rol. Zo heeft bijvoorbeeld de West Highland White Terriër een grote aanleg om een atopie te ontwikkelen.

Allergische klachten kunnen zich ook op latere leeftijd manifesteren. Dit kan komen door een overschot van afvalstoffen en andere lichaamsvreemde stoffen in het lichaam. Hier is veel over geschreven en het hele principe van het reinigen en ontslakken van het lichaam berust hierop.

Voorbeelden van zaken die leiden tot een verhoging van afvalstoffen zijn:

  • Alle lichaamsvreemde stoffen: medicijnen, additieven uit voeding, verontreinigingen uit water en lucht, residuen van bestrijdingsmiddelen.
  • Zware metalen: lood, cadmium, kwik, nikkel, aluminium, arsenicum
  • Stofwisselingsproducten uit micro-organismen (bacteriën en schimmels in de darmen of elders in het lichaam), afbraakproducten van eiwitten (urinezuur, ammoniak), afbraakproducten van hormonen (geslachts-, bloedsuikerspiegel-, stresshormonen) en afbraakproducten van lichaamsweefsels (bloed, slijmvliezen en dergelijke).

Hiertussen zitten dus ook stoffen die bij de ‘gewone gang van zaken’ horen zoals spijsverteren. Alles bij elkaar kan dat er nét voor zorgen dat het lichaam deze stoffen niet meer voldoende kwijt kan. Een voorbeeld: een kat heeft een blaasontsteking. De oorzaak van de blaasontsteking is terug te leiden naar territoriumstress. De kat krijgt een antibioticakuur en omdat het dier toch bij de dierenarts is, wordt de jaarlijkse inenting ook gelijk herhaald. Thuis blijkt dat de kat ook vlooien heeft opgelopen. De kat wordt thuis behandeld met een antivlooienmiddel. Alles bij elkaar (stress, ontsteking, antibiotica met bijbehorende impact op de darmflora, vaccinatie wat een aanslag is op het immuunsysteem én de gifstoffen om de vlooien te doden) kan ervoor zorgen dat het dier vatbaarder wordt voor allergieën en ontstekingen: het immuunsysteem is overspannen.

Wat kun je eraan doen?

Als een allergie eenmaal is ontstaan, kom je er zelden helemaal vanaf. Jonge dieren kunnen er soms wel ‘overheen groeien’. Sommige prikkels zijn echter niet te vermijden omdat ze horen bij het normale leven zoals pollen en mugjes. Ook vlooien zijn niet 100% te voorkomen. Het is dus belangrijk om ervoor te zorgen dat het lichaam wat weerbaarder wordt en het immuunsysteem zich gaat bezighouden met belangrijker zaken.

Om de vicieuze cirkel van jeuk-krabben-ontsteking-krabben te doorbreken, moet het betreffende allergeen vermeden worden. Dit kan bij een voedingsallergie een bepaald type dierlijk eiwit zijn of de mijten uit diervoeding met granen (een van de reden waarom veel dieren zo goed reageren op graanvrije voeding). Voor paarden met zomereczeem kan dit betekenen dat ze een eczeemdeken krijgen en opgestald worden op tijden dat de mugjes actief zijn.

Kruiden
Ook kruiden kunnen hierbij van pas komen. Scutellaria baicalensis (glidkruid) is een zeer effectieve remmer van histamine en kan als  symptoombestrijding worden ingezet bij allergische klachten. Bij vrijwel alle allergieën is de hulpvraag heel direct: er moet zowel acuut (het dier wordt gek van de jeuk) als op de lange termijn (het lichaam minder overgevoelig maken) iets gebeuren.

Vetzuren
Bij iedere vorm van allergie of intolerantie moet de barrièrefunctie hersteld worden. Vetzuren kunnen hier een belangrijke rol in spelen. Vooral EPA (eicosapentaeenzuur, onderdeel van omega 3) en GLA (gammalinoleenzuur, onderdeel van het omega-6-vetzuur) hebben een waardevolle functie voor het immuunsysteem. Beide zijn namelijk de grondstof voor het aanmaken van leukotriënen (lipiden met een hormoonachtige functie).

Meervoudig onverzadigde vetzuren (omega 3 en 6) zijn ook betrokken bij de aanmaak van prostaglandinen (hormoonachtige stoffen die op hun buurt allerlei mediatoren aansturen in het immuunsysteem). Zowel leukotriënen als prostaglandinen bestaan in veel verschillende types. Er zijn types die de ontstekingen juist bevorderen, maar ook types die juist nodig zijn voor een gezond cardiovasculair stelsel en een goed functionerend immuunsysteem. Als al deze stofjes goed functioneren, worden ontstekingen geremd en reageert het immuunsysteem adequaat zonder overprikkeld te raken.

Reinigen
Om de belasting door afvalstoffen te verminderen en daarmee de ontstekingsgevoeligheid terug te dringen, is een tweejaarlijkse reinigingskuur zeer aan te raden. Bij allergische klachten wordt een reinigende kruidentinctuur idealiter gecombineerd met Ribes nigrum (zwarte bes). Dit kruid werkt via de bijnierschors op het lichaamseigen cortisol. Cortisol komt vrij als de acute stressreactie achter de rug is en zorgt ervoor dat het dier met langer durende stress om kan gaan. Het werkt ontstekingsremmend en immunosuppressief. Ribes nigrum heeft echter niet het uitputtende effect van synthetische corticosteroïden.

Gezonde darmflora
Voor een goede barrièrefunctie is een gezonde darmflora van groot belang. In de darmen van ieder dier leven miljarden bacteriën en andere organismen. Als het goed is bestaat het overgrote deel hiervan uit gunstige bacteriën zodat de schadelijke organismen geen kans krijgen zich te vermenigvuldigen. Deze bacteriën zorgen niet alleen voor een goede spijsvertering, maar hun stofwisselingsproducten verzorgen ook de slijmvliezen van de darmen én zijn nodig voor de aanmaak van vitamines en vetzuren. Dit proces is diersoort gebonden. Zo maken paarden zelf vitamine B12 aan waarbij zowel de aanmaak als opname van deze vitamine afhankelijk is van een goed functionerende darm.

Prebiotica
Om de gunstige bacteriën een zo goed mogelijk milieu te bieden, is het de meest logische keus om het dier een prebiotica te geven. Dit zijn vezelstoffen (bijvoorbeeld Psyllium) die dienen als voedsel voor deze bacteriën. Voeding of supplementen die gunstige bacteriën bevatten worden probiotica genoemd. Voordat met inname hier van wordt begonnen, is het verstandig om eerst vetzuren en prebiotica te geven zodat het slijmvlies herstelt en de al aanwezige darmbacteriën zich goed kunnen vermenigvuldigen. Voorbeelden van natuurlijke probioticaproducten zijn vuile pens en zuurdesembrood (biowinkel).

Vitaminen, mineralen en antioxidanten
Een lichaam dat onstekingsmediatoren moet opruimen heeft een verhoogde behoefte aan vitaminen, mineralen en antioxidanten. Ter ondersteuning kan daarvoor een goed uitgebalanceerde multivitamine worden ingezet.

 

Deze informatie is uitsluitend bedoeld voor educatieve doeleinden en vervangt niet het advies van een dierenarts.

Door de strenge Europese Claimsverordening mogen wij maar zeer beperkt informatie geven over de werking van producten.

Heb je vragen over onze producten of de toepassing ervan? Neem dan contact met ons op. Ons team van natuurgeneeskundig therapeuten en holistisch dierenarts adviseert je graag.

Laat een reactie achter